Hier moet ik zijn


Verschenen op de cd Een lied voor Amsterdam van het Amsterdams Kleinkunst Festival,
gezongen door Maarten van Roozendaal, compositie Darre van Dijk.

Klik hier om het nummer te beluisteren

als ik ‘s avonds niet weet waar ik ’t moet zoeken
en ik loop met mijn ziel onder m’n arm
dan fiets ik langzaam naar de grachten
waar ik me aan mijn dromen warm

kijk naar de lichten, de oude huizen
vergeet al gauw wat tegen zat
haal diep adem, zet mijn fiets op de brug
en wandel getroost in de armen van de stad

langs het huis waar Anne Frank zich verveelde
niet wist dat ze later in de rij zouden staan
droom weg zoals Kees die dacht aan zijn Rosa
die hij verderop de hoek om zag gaan

zing ‘Hand in hand’ bij tante Leen en Johnny
kijk naar de Wester, pracht bij de vleet
zucht nog eens diep, ga er goed voor staan
loop de zwembadpas, en ik weet en ik weet:

hier moet ik zijn
waar ik
vrij kan zijn
mij kan zijn

’k zou niet weten
waar anders
mijn huis is
mijn thuis is

denk aan de schilder die na de explosie
zijn benen kwijt was én zijn rust
struin langs de roze marmeren driehoek
waarop zovelen zijn gekust

ontmoet Multatuli hoog op het Singel
die zacht fluistert in de wind
‘waarheid en gezond verstand
zorg mijn Max, dat je die vindt!’

langs Atlas die bovenop het paleis
groot en stoer de wereld draagt
naar de steen van Margit, die desondanks
door het verkeer werd weggevaagd

naar de Schreierstoren waar zakdoeken wuiven
vol van schippersvrouwenleed
in het oud Amsterdam dat Brel bezong
droom ik nu en weet en weet:

hier moet ik zijn
waar ik
vrij kan zijn
mij kan zijn

`k zou niet weten
waar anders
mijn huis is
mijn thuis is

ik denk aan de Dichter op de Zeedijk
loop langs de junks en de lichte vrouwen
naar de buurt van Ciske de rat
en had ik maar iemand om van te houen

hier zei Fien ‘Om alles, om alles’
en daarna ach, bleef ze er in
steek door naar het Vondelpark
hou even stil bij het beeld voor Kerwin

en ik kijk hóóg omhoog als Sammy
want daar dáár is de blauwe lucht
en het wordt al bijna ochtend
slaak om alles een diepe zucht

kijk rond of ik Minoes kan vinden
tussen het groen of in een boom
en bij het geluid van de grasparkieten
val ik in slaap en droom en droom:

hier moet ik zijn
waar ik
vrij kan zijn
mij kan zijn

’k zou niet weten
waar anders
mijn huis is
mijn thuis is

dan in Amsterdam.


Copyright Simone de Jong 2002